Langs de Leine tonen we 3 meetpunten. Nergens staat het water uitzonderlijk hoog; 2 meetpunten zitten onder het normale niveau.
Een hoog- of laagwatergolf schuift langzaam stroomafwaarts. De meetpunten bovenstrooms laten daarom vaak al zien wat er beneden nog moet komen. Eind zomer en begin herfst is meestal de droogste periode voor de Leine.